Nabucco

Nabucco 3.jpg

Giuseppe Verdi

 
(Nabucodonosor / Nebukadnezar) 

(Aken 12-04-1996 / Theater Aachen)

(Aken 18-04-1996 / Theater Aachen)

(Luik   22-09-2007 / Opera Royal de Wallonie Luik)

Libretto van Temistocle Solera, naar het ballet Nabucodonosor van Antonio Cortesi (1838) gebaseerd op een toneelstuk van Auguste Anicet-Bourgeois en Francis Conue (1836).
Lyrisch drama in 4 aktes.
Plaats en tijd. Jeruzalem en Babylon,578 v.Chr. Ten tijde van Nebukadnezar.
Première. Milaan (Scala) op 09-03-1842.  

NABUCCO (Koning van Babylon) bariton
ISMAELE (neef Koning Jerusalem) tenor
ZACCARIA (hogepriester der Joden) bas
ABIGAILE (dochter van slavin en Nabucco) sopraan
FENENA (dochter Nabucco) sopraan
OPPERPRIESTER VAN BAÄL bas
ABDALLO (oud off. Babilonisch leger) tenor
ANNA (zus van Zaccaria) sopraan

Inhoud

Akte I
In de tempel van Salomon.
Het joodse volk heeft zich hier verenigd, als laatste toevluchtsoord bij de belegering van Jeruzalem door Nabucco (Nebukadnezar). Zij weeklagen in een groot openingskoor. Gli arredi festivi over de val van de stad die op handen is. De hogepriester Zaccaria spreekt hen moed in. aria. Sperate, o figli!  Hij herinnert hen eraan dat Jehovah hun voorouders eerder ook uit Egypte verlost heeft. Ooit heeft Fenena, dochter van de Babilonische Koning Nabucco Ismaele, de neef van Koning Zedekia uit Babilonische gevangenschap gered, toen haar jaloerse halfzuster Abigaile hem in de kerker had laten werpen. Bij die gelegenheid zijn zij op elkaar verliefd geworden en Ismaele verklaart nu Fenena te zullen redden. Plotseling echter verschijnt Abigaile, die als amazone de aanvoerster is van een Babylonische legerschaar, met haar manschappen in de tempel. Zij fluistert Ismaele toe dat zij hem nog steeds bemint en dat zij in staat is hem in ruil voor zijn liefde, zijn leven en dat van zijn volk zal schenken. Verontwaardigd wijst Ismaele dit voorstel van de hand.

De komst van de Babylonische koning wordt aangekondigd en even later rijdt Nabucco te paard de tempel binnen. Zaccaria dreigt Fenena te zullen doden indien het allerheiligste geschonden zou worden. Nabucco toont zich eerst toegevend, om daarna zijn woede des te krachtiger te laten voelen. Groot ensemble, Tremin gl'insani. Maar als Zaccaria Fenena wil doorsteken wordt hij door Ismaele tegengehouden. Omdat zijn dochter nu buiten gevaar is beveelt Nabucco de vernieling van de tempel en de verbanning van de joden naar Babylonië.
Akte II
Eerste toneel
Een zaal in het paleis van Nabucco in Babylon.
Nabucco zelf is afwezig. Hij is op een nieuwe veldtocht. Hij heeft zijn dochter Fenena gedurende die tijd tot regentes aangesteld, tot woede van Abigaile. Deze zingt een grote aria. Anch'io dischiuso un giorno. Uit een oud document is Abigaile te weten gekomen dat zij weliswaar een dochter van Nabucco is, maar dat haar moeder een slavin was, en zij  daardoor  tot een andere kaste behoort. Dit nieuws maakt haar slechts meer vastberaden om aan de macht te komen, en zo nodig zelfs Nabucco te trotseren. De hogepriester van Baal komt haar mededelen dat Fenena zich heeft bekeerd tot het Jodendom, en een besluit heeft uitgevaardigd om de Joden in vrijheid naar hun land te laten terugkeren. Abigaile belooft hem dit plan te verijdelen. Zij verspreidt het nieuws dat Nabucco gesneuveld zou zijn.
Tweede toneel
Een binnenplaats van het paleis.
Zaccaria komt binnen en zingt de aria. Tu sul labbro dei veggente waaruit blijkt dat Fenena zich heeft bekeerd. Hij gaat haar vertrekken in. De Levieten komen hier bijeen en stoten Ismaele uit hun midden omdat hij een landverrader is die de gegijzelde vijandin het leven gered heeft. Koor met solo. Maledetto dal Signor.  Zaccaria verlaat echter met zijn zuster Anna uit Fenena's kamer en deelt mee dat zij nu ook een Jodin is, waardoor Ismaele ook geen verrader kan zijn.

Abigaile komt met de Baälpriesters en een menigte op en verlangt de kroon van Fenena. Op hetzelfde ogenblik echter arriveert Nabucco, grijpt de kroon, en zet deze op zijn eigen hoofd. ensemble. S'appressan gl'istanti. In zijn overmoed verklaart Nabucco zichzelf tot een godheid en dwingt iedereen voor hem te knielen. Een bliksemflits slaat hem de kroon van het hoofd en het blijkt dat Nabucco door de schok zijn verstand verloren heeft. aria. Chi mi toglie ilregio scettro. Abigaile raapt de gevallen kroon op en drukt deze op haar eigen hoofd.
Akte III
Eerste toneel
De troonzaal van het paleis.
Abigaile is een vorstin naar het hart van de Baälspriesters. Hun opperpriester eist van haar dat zij alle Joden zal laten ombrengen. Hiervoor heeft zij echter de machtiging van de krankzinnige Nabucco nodig. Abdallo brengt hem bij haar, en in een duet. Donna, chi sei? probeert zij hem ertoe te bewegen zijn handtekening onder dit decreet te plaatsen. Nabucco doet dit maar ontdekt daarna dat hij hiermee ook het doodvonnis van zijn dochter Fenena heeft getekend. Als Abigaile hem eraan herinnert dat zijzelf eveneens een dochter van hem is, gooit hij haar, haar afkomst voor de voeten. Abigaile echter, verscheurt voor zijn ogen het document dat daar als bewijs voor kan dienen. Vergeefs smeekt Nabucco in het duet. Deb perdona, deb perdona. Fenena's leven te sparen. Hij wordt op last van Abigaile gevangen gezet.
Tweede toneel
Aan de oever van de Eufraat.
De verbannen Joden bezingen in het beroemde koor. Va pensiero sull' Ali dorate. de heimwee naar hun vaderland. Zaccaria spreekt hen moed in en voorspelt de vernietiging van Babylon aria. Del futuro nel buio discerne.
Akte IV
Eerste toneel
Het vertrek waarin Nabucco gevangen wordt gehouden. Zijn verstand begint terug te komen en hij realiseert zich dat hij gevangen is. Buiten hoort hij het volk de naam van Fenena uitroepen, maar zijn hoop dat zij hem te hulp zal komen wordt de bodem ingeslagen als hij hoort hoe men haar dood verlangt. In zijn wanhoop wendt hij zich nu tot de God der Hebreeërs en doet hij de gelofte zich tot hem te bekeren indien hij voor redding zou zorgen. Dio di Giuda !. Zijn gebed wordt verhoord en de trouwe Abdallo komt hem bevrijden aria. O prodi miei, seguitemi.
Tweede toneel
De binnenplaats van het paleis.
De ter dood veroordeelde Joden worden binnengeleid en Fenena zingt een laatste gebed. Oh, dischiuso è il firmamento. Nabucco komt op met zijn getrouwen en redt hen,
koor en ensemble, Immenso Jehovah. Het afgodsbeeld van Baäl valt in stukken uiteen. Abigaile , getroffen door wroeging neemt vergif in, en smeekt stervend om vergiffenis van haar zonden. De opera eindigt met de verklaring van Zaccaria dat Nabucco verder als dienaar van Jehovah zal regeren.


(Aken 12-04-1996 / Theater Aachen)

(Aken 18-04-1996 / Theater Aachen)


JEREMY HULIN dirigent
WOLFGANG WEBER regie
PETER HEYDUCK decor & kleding
ASTRID SADRIEH toneelregie
NORBERT HEBEL koor
JOSEF DUYX licht
Bezetting.  
CLAUDIO OTELLI Nabucco (bariton)
ROBERT WORONIECKE Ismaele (tenor)
MICHAEL BURT Zaccaria (bas)
TATIANA CHIVAROVA Abigaile (sopraan)
EDINA SORIANO Fenena (sopraan)
MARTIN MASSMANN Opperpriester van Baäl (bas)
WILLY SCHELL Abdallo (tenor)
DAWN MARIE FLYNN Anna (sopraan)

 

(Luik 22-09-2007 / Opera Royal de Wallonie Luik)

PAOLO ARRIVABENI dirigent
YOSHI OIDA regie
TOM SCHENK decor
ANTOINE KRUK kleding
Bezetting.  
MARK RUCKER / CARLOS ALMAGUER Nabucco (bariton)
SEBASTIAN NA Ismaele (tenor)
PAATA BURCHULADZE / RICCARDO ZANELLATO Zaccaria (bas)
SUSAN NEVES / ALESSANDRA REZZA Abigaile (sopraan)
EUFEMIA TUFANO Fenena (sopraan)
LÊONARD GRAUS Opperpriester van Baäl (bas)
JAIRO NUÑEZ Abdallo (tenor)
JULIA NOVIKOVA Anna (sopraan)

Voor Verdi was Nabucco zijn eerste grote succes. Zoals hij zelf zei; "Het begin van mijn carrière". Maar behalve dat de opera muzikaal vernieuwend was, dankte hij het succes aan de politieke timing.
De opera ontstond in de periode van de Risorgimento (de beweging voor de eenwording van Italië). De manier waarop in Nabucco de gevangen Joden werden behandeld, bracht de patriottistische gevoelens van het Italiaanse publiek in beroering.